Nieuwkomers hebben het erg moeilijk op school

Dat weten de Auxilia-Vrijwilligers allang, en dit wordt bevestigd door grootschalig Vlaams onderzoek.

Dit komt ondermeer omdat nieuwkomers (en vooral de niet-begeleide-minderjarige-vluchtelingen – NBMV) meer dan vroeger min of meer analfabeet zijn. Het is bijna onbegonnen werk een tiener die nauwelijks naar school gegaan is schoolse vaardigheden te leren. Fijne motoriek (nodig om te kunnen schrijven), tafels van vermenigvuldiging, hoofdbewerkingen, (begrijpend) lezen, agenda bijhouden, zinsontleding, noties Frans, stilzitten: kinderen gaan niet voor niets 6 jaar naar het basisonderwijs. Ze leren er meer dan op de universiteit. Het tragische is dat deze jongens  vaak van heel goede wil zijn,  ambitieus en gemotiveerd.

De schoolloopbaan van nieuwkomers verloopt dan ook vaak erg problematisch: zittenblijven, en waterval (van TSO naar BSO naar Deeltijds Leren).

Onderzoekers suggereren onder andere om de nieuwkomers meer gefaseerd te laten instromen in de gewone klassen van het secundair onderwijs: eerst een taalbad (beperkt in tijd), vervolgens een korte semi-geïntegreerde fase, en tenslotte volledige integratie. De overgang van OKAN naar het gewone onderwijs is inderdaad voor veel nieuwkomers te bruusk.