Voorbeelden

Voorbeelden

  • De achtjarige Hamid kwam vorig jaar naar België. Hij heeft al veel bijgeleerd maar zijn gebrekkige beheersing van het Nederlands speelt hem nog altijd parten, ook bij rekenen. Samen met een vrijwilliger oefent hij een uurtje per week.
  • De elfjarige Jasmine heeft moeite met wiskunde en kan niet volgen op school. Een vrijwilliger helpt haar één namiddag per week om de achterstand weg te werken.
  • Toen haar man stierf, kon Julia niet meer zonder rijbewijs. Ze leerde op 65-jarige leeftijd rijden met een vrijwilliger en herwon zo haar vrijheid.
  • Lise maakte haar secundaire school nooit af en wil haar diploma graag halen. Een vrijwilliger bereidt haar voor op examens van de Examencommissie.

Meest recente berichten

Auxilia wordt nooit meer wat het was.

Tegen september 2021 zal de coronadraak wel bedwongen zijn, maar dat betekent niet dat we de draad zullen opnemen waar we hem hebben laten vallen in maart 2020. We hebben in deze maanden ontzettend veel bijgeleerd, en dit zullen  we proberen te verankeren.

Enkele voorbeelden:

  • Studiehulp gebeurde niet meer aan huis, maar online of in de school (of een andere locatie). De online studiehulp zullen we verder zetten, zeker voor leerlingen van het middelbaar onderwijs. En studiehulp in de school (of op een neutrale locatie) heeft ook zijn voordelen, bijvoorbeeld wanneer het gezin klein behuisd is. Het grote voordeel van online is dat het probleem van afstand tussen vrijwilliger en leerling vervalt, en dat ook vrijwilligers met een fysische beperking perfect kunnen ingeschakeld worden. Zullen we in de toekomst bij de intake standaard bespreken hoe en waar de studiehulp best georganiseerd wordt? 
  • We hebben in deze coronatijd een aantal leerlingen verder geholpen door het ter beschikking stellen van een laptop. Zullen we in de toekomst – wanneer bij de intake blijkt dat de studiehulp best online gebeurt, ervoor zorgen dat de leerling over een laptop (en wifi) kan beschikken? Dit veronderstelt wel dat een IT-team binnen Auxilia kan zorgen voor infrastructurele ondersteuning.
  • Een aantal vrijwilligers hebben afgehaakt omdat ze zich digitaal onzeker voelden; anderen hebben met reuzesprongen geleerd om te “zoomen”, “praatboxen”, “skypen”, “videowhatsappen”. Zullen we in de toekomst bij de recrutering van vrijwilligers nagaan wat de digitale geletterdheid is, en standaard vorming aanbieden om deze te verbeteren?
  • De organisatie van het intakegesprek was vaak een tijdrovende lijdensweg. Zullen we in de toekomst ook hier meer gebruik maken van digitale middelen? Is het echt noodzakelijk dat én de zorgcoördinator, én de leerkracht, én de ouders, én de vrijwilliger én het aanspreekpunt lijfelijk in hetzelfde lokaal aanwezig zijn? 

Kortom, om van deze digisprong een succes te maken zullen we nadenken over onze strategie: professionalisering van de vrijwilligers, ontwikkelen van leermiddelen, begeleiding van de ouders enz enz